Foto: Pixabay

Leerlingen hebben veiligheid en vriendschappen nodig voor schoolmotivatie

Een veilige omgeving en er-bij-horen in de klas vinden leerlingen in het basisonderwijs het allerbelangrijkste om zich op school thuis te voelen. Dan zijn ze gemotiveerd en kunnen ze goede prestaties behalen. Voor leerlingen in het voortgezet onderwijs zijn vriendschappen van groot belang voor hun motivatie, leerprestaties en kans op risicogedrag.

Dat blijkt uit promotieonderzoek door Mariola Gremmen naar de invloed van leeftijdsgenoten en het sociale netwerk van leerlingen op hun academisch functioneren. Het gaat dan om schoolmotivatie, welbevinden en leerprestaties. Gremmen promoveert op 1 november aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Basisonderwijs

Bekend is dat gepest worden, het niet hebben van vrienden, afgewezen worden en niet populair zijn elk een negatief effect heeft op het schoolwelbevinden en de prestaties van leerlingen. In dit onderzoek is gekeken naar het cumulatieve effect van deze zogeheten negatieve sociale posities. Er komt naar voren dat leerlingen minder goed functioneren op school wanneer ze meer negatieve sociale posities in de klas hebben. Vooral schoolwelzijn en motivatie lijden daar onder, waarbij vooral gepest worden en het ontbreken van vriendschappen de grootste bedreiging vormen. Veiligheid en affectie zijn dus essentieel voor leerlingen om zich prettig te voelen, gemotiveerd te zijn en goede prestaties te halen.

Leerlingen die in de klas naast elkaar zitten, worden vaak vrienden en gaan meer op elkaar lijken. Wanneer ‘zitburen’ echter geen vrienden zijn, maar wel dicht bij elkaar zitten in de klas, kan dat de motivatie voor school verminderen. Op de basisschool maken leraren vaak de klassenindeling. Bij hun beslissingen om bepaalde leerlingen juist wel of juist niet naast elkaar te plaatsen, kunnen ze invloed uitoefenen op de sfeer in de klas en op leerprestaties.

Lees het artikel verder op Nationaal Regieorgaan Onderwijsonderzoek.